Positieve jachttraining

positieve jachttraining - De Honderwijzer

Ik kreeg een trainingsverzoek uit het buitenland. Mevrouw was bij een gerenommeerde jachttrainer op les geweest. Was ze speciaal voor naar Nederland gereden. Ze had tijdens de proefles nadrukkelijk gevraagd naar de manier waarop er getraind wordt. De trainer, ongeschoold op hondentrainingsgebied, maar wèl prijswinnend deelnemer aan internationale jachtwedstrijden, had haar verzekerd dat er op een positieve manier getraind zou worden met haar jonge field-trial labrador. Mevrouw schreef zich in voor de positieve jachttraining en ging vol goede moed naar de eerste les.

De jonge honden in de groep moesten vooral ‘aan de voet’ werken. Dat vinden honden van 15 weken heel moeilijk vol te houden. Dat is geen onwil of pesterij van die harige slungels; jonge honden zijn nogal gevoelig voor alles wat er om hun heen gebeurt … Je voelt hem al; steeds als de hond voor de baas uitliep, moest die baas met een flinke ruk, jachtlijntje lekker hoog achter de oren, de hond vertellen dat dit toch niet de bedoeling was. Omdat een jachthond ‘moet’ apporteren, werd de dummy in hun bek gedrukt, waarbij de kaken dicht geknepen moesten worden, ondertussen ‘goed zo’ roepend. Het positieve zat volgens deze ‘trainer’ in de “goed zo”. “Zo belonen we het gewenste gedrag”, vond deze jachttrainer. De manier waarop de hond bij het gewenste gedrag kwam, was minder van belang. Met het vasthouden van de bek waar een dummy inzit, doe je twee dingen: je geeft pijn door zijn lip over zijn tanden heen te trekken, en je hond heeft geen kans om zich van de pijn te ontdoen. Sommige Grote Trainers zweren bij deze “force-fetch”.

Force-fetch?

Ik wil je niet op stomme ideeën brengen, maar de instructie voor deze krachtmeting staat gewoon op Youtube. Als je toch gaat kijken: let dan vooral even op de lichaamstaal van de hond en zoek vervolgens op wat deze lichaamstaal aangeeft. De beroemde, prijswinnende trainer heeft ergens een positief geapporteerde klepel in zijn handen gehad, maar de klok nog niet kunnen vinden met een “verloren zoek”.
Hoeveel medailles er ook aan de muur hangen.

OK. Dat is positieve jachttraining dus niet. Ik wil je niet onderschatten, maar ik ga eerst even een stuk theorie met je doornemen over hoe een aantal onderzoekers zo’n honderd jaar geleden eens wilden onderzoeken waar menselijk gedrag door werd beïnvloed. Ze gebruikten daar dieren voor.
Eerst was er Pavlov; Hij deed iets met een geluidje, eten, honden en speeksel. Bekijk de uitleg over klassieke conditionering hier. Rings a bell he?!

Operante conditionering

Toen was daar meneer Thorndike. Hij sloot een hongerige kat op in een kooi met daarin een hendeltje waarmee de kooi open gemaakt kon worden. Hij zette een bakje met vis buiten de kooi en observeerde wat de kat aan gedrag liet zien. Hongerige kat in het nauw maakt rare sprongen en springt uiteindelijk per ongeluk op zo’n hendel; gevolg: deur open, kat kan bij de vis.
Kat leert, op de langere termijn en na veel herhalingen van “kooitje, nog meer hendels en vis”: drukken op dit hendeltje levert vis op. Kat drukt steeds sneller op het hendeltje om bij de vis te komen en stopt met ongecontroleerd gedrag dat toch niets oplevert. Conclusie van meneer Thorndike, en later ook van meneer Skinner: dieren (en mensen) leren door de gevolgen van hun gedrag en dat noemen we voortaan operante conditionering. Er is gedrag waar we méér van willen; dat belonen we. Er is gedrag waar we minder van willen: dat bestraffen we. Om te belonen en te straffen ‘geven’ we iets aan de hond of we halen iets weg van de hond. Zo krijgen we het gedrag dat we van de hond willen.

Bij mensen werkt het zo.

Samenvatting in plaatjes (en kijk vooral eens naar het boek over hondentaal van deze illustratrice):

leerprincipes hondentraining van lili chang

Wanneer je als jachttrainer operante conditionering toepast, dan beloon-/ bekrachtig (- in het Engels reinforce) je gewenst gedrag, waardoor het gedrag toeneemt, en als je gedrag straft of niet beloont, dan neemt het gedrag af.

Zó krijg je meer gewenst gedrag: positieve bekrachtiging

Wanneer je gebruik maakt van positieve bekrachtiging (in het Engels: positive reinforcement), geef je iets fijns aan je hond als hij het gewenste gedrag laat zien; een koekje bijvoorbeeld.
Je beloont met een koekje, een aai of een spelletje. Die fijne dingen waar we mee belonen, noemen we de bekrachtiger van het gewenste gedrag.
Hoe fijner jouw hond de bekrachtiger vindt, hoe harder hij zijn best zal doen om daar méér van te krijgen. “Naast lopen levert koekjes op. Ik blijf hier lopen, dan vallen de koekjes zo mijn giecheltje in”.

Op dit stuk líj́kt de zelfbenoemde positieve jachttrainer uit de eerste alinea te zitten: Hij beloont namelijk gewenst gedrag. Dat is positief te noemen. Het wordt pas écht interessant wanneer je bij zo iemand doorvraagt; Wat ging er aan de ‘goed zo’ vooraf?
Hoe gaat zo’n trainer om met ongewenst gedrag zoals trekken aan de lijn? Het najagen van wild? Niet terugkomen als het wild is geraapt? (dit zijn de vragen die je moet stellen wanneer je bij een positieve jachttrainer op proefles gaat!)

Zo krijg je mínder ongewenst gedrag: negatieve correctie

Straft een positieve trainer dan helemaal niet?
Ja. Ook positieve trainers kunnen jou leren hoe je om kunt gaan met ongewenst gedrag. Een positieve trainer kan gebruik maken van een negatieve correctie; je haalt dan iets weg wat je hond graag wil.
In het plaatje: De hond trekt aan de lijn. De hondeneigenaar stopt met lopen; hij neemt de voortgang die de hond wil, weg. De hond heeft geen succes met het voorwaarts bewegen; het trek gedrag zal afnemen. Dat gedrag neemt nog sneller af, wanneer de trainer het naast lopen stevig beloont met iets wat de hond als fijn ervaart, of lekker vindt.
Wanneer een trainer gebruik maakt van deze twee principes, positieve bekrachtiging en negatieve correcties, train je R+.
Dan kun je jezelf een positieve jachttrainer noemen. In het plaatje: je traint in het groen. En groen is goed, toch?
Een ander voorbeeld van een negatieve correctie is het negeren van ongewenst gedrag.. Dat je niets doet wanneer je Heidewachtel je recht in je gezicht springt ter begroeting … Negeren is een correctie, maar of je hond dan plotseling snapt dat springen niet mag….; vraag je instructeur om training die wel helpt tegen springen

“Positieve jachttraining legt de nadruk op wat jouw hond WEL moet doen”

Hoe straf je een hond: positieve correctie

Sommige trainers leren aan hun cursisten dat je een flinke ruk aan de lijn moet geven wanneer de hond trekt. Het is een voorbeeld van een positieve correctie; je straft ongewenst gedrag door angst of pijn te veroorzaken. Een jachtlijntje hoog in de nek, of een bandje over de neus dat straktrekt wanneer je hond aan het einde van de lijn komt, zijn voorbeelden van een positieve correctie.
Nog een paar voorbeelden van positieve correctie:
* ruk aan de lijn
* stroomband (zie je er iemand mee trainen? – Het gebruik ervan is strafbaar. Just sayin’)
* anti-blafband (of het nou met geur, wind of stroom is)
* anti-trektuig (of het nu over zijn neus spant of dat haakje aan de voorkant van een tuigje gebruikt ‘om hem uit balans te trekken’)

Positieve correcties gaan, hoe dan ook, over schrik of pijn. Hoe lief je daarna ook doet. Hoe vaak je ook ‘goed zo’ blijft zeggen wanneer je hond weer naast je landt. Hoewel het woord ‘positief’ hier gebruikt wordt, heeft het niets te maken met positieve jachttraining. Echt niet.

Hoe straf je een hond: negatieve bekrachtiging

Het lijkt mooier dan het is: Met het inzetten van een negatieve bekrachtiging zorg je ervoor dat gedrag toeneemt; je hond gaat doen wat jij wilt. Klinkt lekker, maar het is altijd een pijnlijke manier van leren. De bekrachtiging van gewenst gedrag, de beloning dus, zit in het wegnemen van pijn of angst.
Een voorbeeld van een negatieve correctie is de ‘force-fetch’ waar ik het eerder over had; pas als je hond de dummy vast blijft houden en geen weerstand meer biedt, haal je jouw handen om zijn bek vandaan. De bekrachtiger van het vasthouden is dus het weghalen van je handen. Je hond zal voortaan proberen om de pijn van jouw handen te vermijden door de dummy vast te houden.

De keuzes die je maakt

Die hoog gewaardeerde trainer die zegt dat hij aan positieve jachttraining doet terwijl hij een knietje in een opspringende hond zet, werkt in alle vier vakken die je in het plaatje ziet. Er wordt gebruik gemaakt van de leerprincipes die meneer Thorndike en Skinner hebben onderzocht en uitgewerkt. Het leerkwadrant zoals ik het hier uitleg, is dé basis geworden voor hondentraining. Hoe je er ook naar kijkt, wat je er ook van vindt: Honden leren óók van een e-collar, een flinke ruk aan de lijn, een harde stem en een knietje.

Een positief trainende jachttrainer zal gebruik willen maken van de vakjes die in het groen zijn aangegeven. Bij positieve jachttraining zal tijd en energie gestopt worden in het aanleren van een stevige basis, door de kansen op succes, voor de hond!, groot te maken, door in kleine stapjes een stijgende lijn van gewenst gedrag te creëren, door te vragen wat de hond op dit punt in zijn ontwikkeling kan bieden en er dan stapsgewijs een uitdagender programma van te maken. Bij positieve jachttraining mag een hond fouten maken en er pijnvrij van leren.

Jachthonden die -veel/regelmatig/soms/heel af en toe- positief gecorrigeerd worden gaan heel hard hun best doen om pijn te vermijden. Let er maar eens op; ze bewegen ‘strakker’; hebben een lichaamshouding die er gespannen uit ziet.
Ze bouwen letterlijk spanning op. Ze worden zenuwachtig of angstig omdat ze niet weten wanneer de correctie komt. Werken met angst in het lijf, maakt je slordiger of juist mechanischer. Je hond durft geen keuzes meer te maken. Want hij weet; “als ik fout kies, krijg ik op mijn falie”.
Dit verzin ik niet zelf; gelukkig zijn er mensen die dit wetenschappelijk weten te onderbouwen. (en mensen die deze linkjes op internet plaatsen zodat ik ze weer aan jullie kan geven 😉 )

Onderzoek

Positieve training/beloningsgericht werken met honden is uitgebreid onderzocht. Er is steeds meer onderbouwde kennis beschikbaar over de effecten van positief trainen. Ik vind deze interessant. Dit onderzoek werd niet onder hondeneigenaren zelf gedaan, en levert wellicht een beter inzicht in de effectiviteit van het gebruik van pijn in de training van je hond. En het boek van John Bradshaw, mede-onderzoeker in het eerstgenoemde onderzoek, is trouwens ook erg verhelderend; “Dit is de hond”. En nu ik toch bezig ben met namedropping:
Google eens op Susan Friedman (echt heel inzichtelijk!) en Susan Garrett maakt ook leuke en makkelijk te verhapstukken podcasts en filmpjes.

In een volgend artikel vertel ik over de verschillende trainingsmethodes en wat de wetenschap daar tegenwoordig over zegt. Ik leg je dan ook uit waarom alleen positief trainen voor mij niet de lading dekt en ik mezelf welzijnsgericht jachttrainer noem.

Wil je niet wachten tot ik weer tijd neem om te schrijven? Kom dan gewoon eens kijken hoe het óók kan met jachthonden uit werklijnen. Je kunt je hier inlezen op wat ik je kan leren en je kunt je hier aanmelden voor een proefles.

Welzijnsgericht jachthondentrainer | clickertraining | trainen zonder pijn

Hee, ik ben Saskia

Wil je bijleren hoe je jouw gedreven jachthond kunt trainen zonder daarbij angst, of pijn te gebruiken? Hier vind je tips en tricks van het welzijnsgerichte jagen voor de click.
Kijk gerust eens rond op deze site en lees hoe ik jou en je jachtmaatje kan helpen.
Fijn dat je er bent!

meer blogs